3.

De hond mag niet trekken aan de lijn.

De baas bepaalt waar naartoe gegaan wordt,

niet de hond. Een goede ondergeschikte hond

volgt zijn baas in plaats van dat hij de richting bepaalt.

Kent de hond de weg, omdat u vaak dezelfde route

loopt, dan hoort hij niet te trekken, want de baas

bepaalt ook de snelheid van wandelen.

Moet hij altijd eerst zitten voor hij mag oversteken, dan

moet dat ook gebeuren als u het voetgangerslicht al

ziet knipperen en u op het punt staat de bus te missen.

Dan wacht u maar op de volgende.

Dat is pas consequent zijn.

4.

De hond mag bij sjorspelletjes niet winnen.

Veel honden vinden het heerlijk om met de baas te spelen. Dat vinden de meeste bazen

ook. Voor een hond zit hier ook nog eens een serieus component in. Hij meet zijn

krachten ten opzichte van de baas en probeert hogerop te komen. En dat mag natuurlijk

nooit. Daarom hoort de baas altijd het spel te beginnen en te eindigen.

(lees verder )

Huisregels (vervolg)